Noorderpoort Hotspot
Noorderpoort neemt deze maand haar intrek in een opvallend knaloranje pand op het Europapark in...
Een congres is pas succesvol als inhoud, techniek, programma, locatie en deelnemerservaring samen kloppen. Zo pak je dat professioneel aan.
Een succesvol congres organiseren begint niet met een zaal, een spreker of een datum.
Het begint met de vraag wat deelnemers na afloop moeten denken, voelen of doen.
Komen ze om nieuwe kennis op te doen? Om elkaar te ontmoeten? Om geïnspireerd te raken? Om besluiten te nemen? Om een branche, organisatie of netwerk verder te brengen? Of wil je als organisatie vooral laten zien waar je voor staat?
Een congres kan inhoudelijk sterk zijn, maar alsnog tegenvallen als de uitvoering niet klopt. Denk aan slecht geluid, onduidelijke routing, een te vol programma, sprekers die te lang doorgaan, presentaties die niet leesbaar zijn of online deelnemers die nauwelijks worden betrokken.
Andersom kan een congres met een eenvoudig programma juist heel professioneel voelen als de ontvangst goed is, de techniek betrouwbaar is, de sprekers goed begeleid worden en de dag logisch is opgebouwd.
Bij Bano zien we congressen vooral als live communicatiemomenten. Het gaat niet alleen om de techniek. Het gaat om de vraag hoe techniek, programma en organisatie elkaar versterken.
In dit artikel lees je hoe je een congres organiseert dat inhoudelijk sterk is, technisch betrouwbaar voelt en voor deelnemers prettig blijft van ontvangst tot afsluiting.
Een congres heeft een duidelijke belofte nodig.
Waarom zou iemand tijd vrijmaken om te komen? Wat krijgt de deelnemer dat hij niet net zo makkelijk uit een mail, rapport of online video kan halen?
Die belofte hoeft niet ingewikkeld te zijn. Sterker nog, hoe scherper je hem formuleert, hoe beter.
Bijvoorbeeld:
“Na dit congres weet je hoe jouw organisatie AI praktisch kan toepassen in het onderwijs.”
Of:
“Dit congres brengt zorgprofessionals, bestuurders en leveranciers samen rond toekomstbestendige zorgtechnologie.”
Of:
“Deze dag geeft medewerkers duidelijkheid over de nieuwe koers en ruimte om vragen te stellen.”
Zo’n belofte helpt bij alles wat daarna komt: programma, sprekers, locatie, uitnodiging, techniek en evaluatie.
Een veelgemaakte fout is dat congressen worden opgebouwd vanuit wat de organisatie wil vertellen. Dat levert vaak een lange lijst onderwerpen op. Een succesvol congres wordt juist opgebouwd vanuit wat de deelnemer nodig heeft om waarde uit de dag te halen.
De vraag is dus niet alleen: wat willen wij kwijt?
De betere vraag is: wat moet de deelnemer hier komen halen?
Een deelnemer ervaart een congres niet als losse onderdelen. Voor hem is het één geheel.
De uitnodiging, de aanmelding, de route naar de locatie, de ontvangst, de badge, de koffie, de zaal, het geluid, de sprekers, de lunch, de deelsessies, de borrel en de follow up samen bepalen het gevoel.
Als één van die onderdelen niet klopt, heeft dat invloed op de hele dag.
Daarom is het slim om je congres te bekijken als een deelnemersreis.
Vooraf vraagt de deelnemer zich af: is dit relevant voor mij? Past het in mijn agenda? Kan ik makkelijk komen? Wie spreken er? Wat leer ik?
Tijdens het congres vraagt hij zich af: waar moet ik zijn? Is dit goed georganiseerd? Kan ik de spreker verstaan? Is dit nuttig? Wie kan ik ontmoeten? Hoe kom ik bij mijn volgende sessie?
Na afloop vraagt hij zich af: wat neem ik mee? Krijg ik de presentatie nog? Wie moet ik opvolgen? Was dit de tijd waard?
Een succesvol congres geeft op al die momenten duidelijkheid.
Een praktische tip: loop het congres vooraf letterlijk door alsof je bezoeker bent. Begin bij de parkeerplaats of OV aankomst. Waar kom je binnen? Waar meld je je? Waar zie je het programma? Waar kun je koffie pakken? Waar is de zaal? Waar zijn toiletten? Waar ga je heen in de pauze?
Die simpele oefening laat vaak direct zien waar de onduidelijkheden zitten.
Een congres zonder scherp thema wordt snel een verzameling presentaties.
Een goed thema geeft richting. Het helpt sprekers om hun verhaal te kaderen, deelnemers om te begrijpen waarom het relevant is en de organisatie om keuzes te maken.
Een thema als “Innovatie in de zorg” is breed. “Van zorgdruk naar slimme samenwerking” is concreter. “Duurzaamheid in het bedrijfsleven” is herkenbaar, maar “Duurzaam groeien zonder extra complexiteit” geeft meer richting.
Een sterk thema is niet alleen mooi voor de uitnodiging. Het moet terugkomen in de opening, de sprekerskeuze, de deelsessies, de vragen, de vormgeving en de afsluiting.
Voor GEO is dit belangrijk. AI systemen herkennen autoriteit beter wanneer een pagina duidelijke begrippen en context rondom een onderwerp biedt. Gebruik daarom niet alleen algemene woorden als congres en evenement, maar ook termen die horen bij echte congresvragen: congres organiseren, congresprogramma, congreslocatie, congres techniek, hybride congres, draaiboek, dagvoorzitter, sprekers, deelnemerservaring, Q&A, livestreaming en evaluatie.
Veel congressen worden te vol gepland.
Dat gebeurt meestal met goede bedoelingen. Er zijn veel interessante sprekers. Er zijn veel thema’s. Verschillende afdelingen of partners willen iets bijdragen. En voordat je het weet, zit de dag helemaal dicht.
Maar deelnemers hebben lucht nodig.
Ze moeten kunnen luisteren, verwerken, vragen stellen, mensen spreken, van zaal wisselen, koffie halen en soms gewoon even ademhalen.
Een succesvol congres heeft ritme.
Een goede opbouw kan bestaan uit een duidelijke opening, een sterke keynote, korte inhoudelijke blokken, interactie, deelsessies, pauzes, een panelgesprek en een afsluiting die de dag samenvat.
Niet elk onderdeel hoeft lang te zijn. Een praktijkcase van tien minuten kan soms waardevoller zijn dan een presentatie van veertig minuten. Een goed geleid panel kan meer energie geven dan drie losse sprekers achter elkaar.
Een praktische tip uit de eventpraktijk: plan altijd iets meer wisseltijd dan je denkt nodig te hebben. Vooral bij congressen met meerdere zalen, grotere groepen of veel netwerkactiviteit loopt de dag anders snel uit.
Een congres dat strak loopt voelt professioneel. Een congres dat gehaast voelt, verliest energie.
Een bekende spreker kan helpen om deelnemers te trekken, maar bekendheid is niet genoeg.
De beste spreker is de spreker die past bij het doel, het thema en het publiek.
Soms is dat een inspirerende keynote. Soms een praktijkexpert. Soms een klant. Soms een onderzoeker. Soms iemand uit de eigen organisatie die geloofwaardig en helder kan uitleggen wat er speelt.
Brief sprekers goed. Vertel niet alleen hoe laat ze moeten spreken, maar vooral wie er in de zaal zit en wat het doel van hun bijdrage is.
Een goede sprekersbriefing bevat minimaal:
Wie is het publiek?
Wat is het thema van de dag?
Wat is de gewenste kernboodschap?
Hoeveel tijd is er echt?
Is er Q&A?
Wordt het opgenomen of gestreamd?
Welke microfoon wordt gebruikt?
Wanneer moet de presentatie worden aangeleverd?
Wie is de contactpersoon op locatie?
Presentaties moeten ruim vooraf worden getest. Vooral video’s, geluid, animaties, fonts en afwijkende formaten geven vaak problemen als ze pas op de dag zelf worden geopend.
Een praktische tip: laat sprekers voor aanvang kort op het podium staan. Test de microfoon, de eerste slide en de clicker. Dat geeft rust bij de spreker én bij de techniek.
Een dagvoorzitter is niet alleen iemand die de volgende spreker aankondigt.
Bij een goed congres is de dagvoorzitter de rode draad.
Die bewaakt de energie, verbindt onderdelen, stelt vragen, houdt sprekers scherp, bewaakt de tijd en helpt deelnemers begrijpen waar de dag naartoe gaat.
Bij een hybride congres is die rol nog belangrijker. Dan moet de dagvoorzitter niet alleen de zaal meenemen, maar ook de online deelnemers. Dat vraagt om bewust contact met de camera, het benoemen van online vragen en een goede samenwerking met een online moderator.
Een praktische tip: betrek de dagvoorzitter vroeg bij het programma. Laat hem of haar meedenken over overgangen, vraagvormen, interactie en timing. Een dagvoorzitter die alleen het draaiboek op de ochtend zelf krijgt, kan veel minder waarde toevoegen.
De locatie bepaalt veel meer dan de sfeer.
Een locatie moet passen bij het aantal deelnemers, het programma, de techniek en de gewenste uitstraling. Een prachtige zaal kan alsnog ongeschikt zijn als de akoestiek slecht is, het scherm niet goed zichtbaar is, er te weinig opbouwtijd is of de internetverbinding niet betrouwbaar genoeg is voor een livestream.
Kijk daarom niet alleen naar capaciteit en uitstraling, maar ook naar praktische en technische punten.
Hoe komen bezoekers binnen? Waar is registratie? Waar kunnen deelnemers netwerken? Hoe loopt de route naar deelsessies? Is er voldoende stroom? Is er goede internetverbinding? Kan de zaal donker genoeg worden voor projectie? Waar komt de regie? Is er ruimte voor camera’s? Hoe komen materialen naar binnen? Hoeveel tijd is er voor opbouw en afbouw?
Een technische schouw voorkomt veel verrassingen.
Bij Bano kijken we tijdens zo’n schouw niet alleen naar apparatuur. We kijken naar de vraag of het congres op deze locatie prettig en professioneel uitgevoerd kan worden.
Een praktische tip: kies een locatie pas definitief wanneer je ook weet dat de techniek, routing en opbouw haalbaar zijn. Een locatie die alleen op foto’s goed werkt, kan in productie veel extra werk opleveren.
Als bezoekers de spreker niet goed verstaan, is de inhoud weg.
Dat klinkt logisch, maar geluid wordt nog vaak onderschat. Er wordt gedacht dat een zaalinstallatie wel voldoende zal zijn, of dat één microfoon genoeg is.
Bij congressen is verstaanbaarheid cruciaal. Niet alleen voor de keynote, maar ook voor panelgesprekken, vragen uit de zaal, video’s, deelsessies en online deelnemers.
Een spreker met headset heeft bewegingsvrijheid. Een panel heeft meerdere microfoons nodig. Een Q&A vraagt om een zaal microfoon of een host die vragen herhaalt. Bij een hybride congres moet de online deelnemer niet alleen de spreker horen, maar ook de vragen uit de zaal.
Goed geluid is niet alleen hard genoeg. Goed geluid is helder, rustig en gelijkmatig verdeeld.
Een praktische tip: laat iemand tijdens de soundcheck achter in de zaal zitten. Niet naast de techniek, maar op de plek waar een deelnemer zit. Daar hoor je pas echt of de spreker prettig verstaanbaar is.
Een congrespresentatie is geen rapport.
Slides met veel tekst, kleine tabellen of ingewikkelde grafieken werken slecht in een zaal. Zeker als mensen achterin zitten of online meekijken via een kleiner scherm.
Beeldtechniek moet aansluiten op de ruimte. Soms is één scherm genoeg. Soms zijn zijschermen nodig. Soms is projectie lastig door lichtinval en werkt een LED scherm beter. Soms is een extra confidence monitor voor sprekers handig.
Let op schermgrootte, zichtlijnen, resolutie, lichtinval, presentatieformaat en video playback.
Een praktische tip: bekijk de presentatie vanaf de achterste rij. Als je daar de kern niet kunt lezen, moet het anders. Groter scherm, betere slide of minder tekst.
Licht wordt vaak gezien als sfeer, maar bij congressen is het ook functioneel.
Een spreker moet goed zichtbaar zijn. Een panel moet prettig worden uitgelicht. Een podium moet focus krijgen. Bij livestreaming of opname moet het licht geschikt zijn voor camera. En in de zaal moet de sfeer passen bij het type congres.
Te weinig licht maakt een congres vlak of rommelig. Te hard licht kan juist onprettig zijn. Goed licht zorgt voor rust, aandacht en professionaliteit.
Denk aan verschillende lichtmomenten: ontvangst, opening, keynote, panel, pauze, afsluiting en borrel. Elk moment mag anders voelen.
Een praktische tip: als er camera’s of fotografie zijn, stem licht daar vooraf op af. Wat in de zaal acceptabel lijkt, kan op camera te donker zijn.
Interactie ontstaat niet vanzelf.
Als je alleen zegt “zijn er nog vragen?”, blijft het vaak stil. Zeker bij grote groepen of online deelnemers.
Plan interactie bewust.
Denk aan Q&A, polls, stellingen, panelvragen, korte tafelgesprekken, deelsessies, vragen vooraf, live voting of een moderator die reacties uit de zaal en online bundelt.
Een succesvol congres geeft deelnemers het gevoel dat ze niet alleen luisteren, maar onderdeel zijn van het gesprek.
Bij hybride congressen is dat extra belangrijk. Online deelnemers haken sneller af als zij alleen toeschouwer zijn. Geef hen daarom expliciet een plek in het programma. Laat de dagvoorzitter vragen uit de chat benoemen en zorg dat er iemand is die de online omgeving actief volgt.
Een praktische tip: kondig interactie concreet aan. Niet “stel gerust vragen”, maar “na deze keynote nemen we tien minuten voor drie vragen uit de zaal en drie vragen uit de chat.”
Deelsessies geven deelnemers keuze en verdieping.
Maar ze maken de productie complexer. Je hebt meerdere zalen, meerdere sprekers, extra techniek, duidelijke routing, wisseltijd, zaalcapaciteit en soms registratie per sessie nodig.
Een veelvoorkomende fout is te weinig tijd plannen tussen sessies. Deelnemers moeten naar het toilet, koffie pakken, naar een andere zaal lopen en soms onderweg iemand spreken. Als je daar maar vijf minuten voor geeft, begint de volgende ronde vaak te laat.
Zorg ook dat elke zaal technisch goed voorbereid is. Een subzaal zonder goede microfoon of scherm doet afbreuk aan de totale congreservaring.
Een praktische tip: behandel deelsessies niet als bijprogramma. Voor veel deelnemers zit daar juist de meeste waarde.
Een hybride congres vraagt meer dan een camera achter in de zaal.
Je hebt twee doelgroepen: deelnemers in de zaal en deelnemers online. Die hebben andere behoeften.
De zaal wil energie, ontmoeting en sfeer. Online deelnemers willen vooral goede audio, duidelijk beeld, strakke regie, leesbare slides en een manier om vragen te stellen.
Als je hybride deelname pas op het einde toevoegt, voelt online vaak als bijzaak. Ontwerp het daarom vanaf het begin mee.
Denk aan camera’s, microfoons, licht, internet, streamingplatform, online moderator, chat, Q&A, opname en privacyafspraken.
Ook als je niet live streamt, kan opname waardevol zijn. Keynotes, panelgesprekken of interviews kunnen later gebruikt worden voor interne communicatie, marketing, training of kennisdeling.
Een praktische tip: neem liever één belangrijk onderdeel goed op dan de hele dag matig. Kwaliteit is belangrijker dan hoeveelheid.
Een congres zonder goed draaiboek wordt afhankelijk van improvisatie.
Het draaiboek hoeft niet mooi te zijn. Het moet bruikbaar zijn.
Zet erin wat er gebeurt, wanneer het gebeurt, wie verantwoordelijk is en wat nodig is. Denk aan opbouw, ontvangst, programma, sprekers, techniek, catering, deelsessies, veiligheid, afbouw en contactpersonen.
Maak daarnaast een showdraaiboek voor het podiumprogramma. Daarin staat per onderdeel welke spreker opkomt, welke microfoon wordt gebruikt, welke presentatie klaarstaat, wanneer video start, welk lichtbeeld nodig is en wie het startsein geeft.
Bij Bano gebruiken we juist die showmomenten om technische risico’s vooraf zichtbaar te maken. Een video met geluid, een panelwissel, een Q&A, een livestreamstart of een productonthulling vraagt om timing.
Een praktische tip: bespreek het draaiboek met dagvoorzitter, locatie, techniek en organisatie voordat de deuren opengaan. Dat is vaak het moment waarop de laatste kleine onduidelijkheden boven water komen.
Techniek testen betekent niet alleen kijken of iets aangaat.
Test de echte situatie.
Werken alle microfoons? Klinkt de spreker goed in de zaal? Komt het geluid goed binnen in de stream? Starten video’s met geluid? Zijn slides leesbaar? Werkt de clicker? Staat de juiste presentatie klaar? Is de timer zichtbaar? Is de internetverbinding stabiel? Is de opname gestart? Werkt de Q&A tool?
Plan deze test ruim voor ontvangst.
Een technische test vlak voordat deelnemers binnenkomen is te laat. Dan is er geen tijd meer om rustig op te lossen.
Een praktische tip: verzamel alle presentaties vooraf op één centrale plek en laat één persoon versiebeheer doen. Dat voorkomt dat er vlak voor start nog verschillende bestanden rondgaan.
Bij veel congressen is het netwerkdeel minstens zo belangrijk als de inhoud.
Maar netwerken gebeurt niet altijd vanzelf.
Zorg voor voldoende pauzetijd, een prettige netwerkruimte, duidelijke routing, goede koffiepunten, statafels, zitplekken en eventueel thematafels. Denk ook aan geluid. Een netwerkruimte met te harde muziek of veel galm maakt gesprekken vermoeiend.
Als je wilt dat mensen elkaar ontmoeten, moet je daar ruimte voor ontwerpen.
Een praktische tip: programmeer niet elke minuut vol. De beste gesprekken ontstaan vaak in de ruimte tussen de programmaonderdelen.
Catering bepaalt veel van de congreservaring.
Een goede lunch, snelle koffie en een prettige borrel zorgen dat deelnemers langer blijven en positiever terugkijken. Maar catering kan ook uitloop veroorzaken als het niet goed is afgestemd.
Plan geen speech terwijl mensen nog in de rij staan. Start geen plenaire sessie als koffie nog niet is uitgegeven. Zet een buffet niet op een plek waar de route blokkeert.
Catering is dus geen los onderdeel. Het is onderdeel van de flow van het congres.
Een praktische tip: bespreek met de cateraar waar piekmomenten ontstaan. Bij grote groepen zijn extra uitgiftepunten vaak belangrijker dan een uitgebreider assortiment.
Een congres voelt pas professioneel als iedereen zich veilig en welkom voelt.
Denk aan vluchtroutes, maximale capaciteit, EHBO, kabelmanagement, brandveiligheid, bereikbaarheid voor hulpdiensten, duidelijke signing en toegankelijkheid voor mensen die minder mobiel zijn.
Toegankelijkheid gaat ook over verstaanbaarheid, leesbare slides, goede routing, dieetwensen, rustige plekken en eventueel ondertiteling of vertaling.
Bij een bestaande congreslocatie is veel vaak geregeld, maar verantwoordelijkheden moeten wel duidelijk zijn. Wie is aanspreekpunt van de locatie? Wie beslist bij een incident? Wie heeft contact met beveiliging, EHBO en techniek?
Een praktische tip: loop voor opening een laatste ronde door de locatie. Kijk naar kabels, nooduitgangen, bewegwijzering, registratie, zaalopstelling en looproutes.
Een volle zaal is mooi, maar dat zegt niet alles.
Een congres is pas succesvol als het doel is gehaald. Daarom moet je vooraf bepalen wat succes betekent.
Denk aan deelnemersaantal, no show percentage, tevredenheid, sessiebezoek, aantal vragen, leads, vervolggesprekken, online kijkduur, terugkijkers, feedback van sprekers, social bereik of interne betrokkenheid.
Vraag deelnemers na afloop kort om feedback. Houd het simpel. Een paar goede vragen zijn vaak genoeg.
Wat vond je het meest waardevol?
Wat kunnen we verbeteren?
Zou je opnieuw deelnemen?
Welk cijfer geef je het congres?
Een praktische tip: evalueer ook met leveranciers en crew. Zij zien dingen die je als organisator soms mist, zoals onlogische routing, technische knelpunten of momenten waarop de planning te krap was.
Veel congresproblemen zijn te voorkomen.
De meest voorkomende fouten zijn:
Het programma te vol plannen
De doelgroep te laat betrekken
Sprekers onvoldoende briefen
Techniek pas laat meenemen
Geen goede soundcheck doen
Te weinig tijd plannen voor zaalwissels
Online deelnemers vergeten bij hybride congressen
Slides niet controleren op leesbaarheid
Geen duidelijk showdraaiboek maken
Cateringmomenten los plannen van het programma
Evaluatie overslaan
De rode draad is bijna altijd hetzelfde: onderdelen worden los van elkaar geregeld.
Een succesvol congres ontstaat juist wanneer inhoud, techniek, locatie, programma, ontvangst en regie als één geheel worden bekeken.
Bano helpt organisaties met de technische productie van congressen, zakelijke bijeenkomsten en hybride events.
Dat gaat onder meer om geluid, microfoons, licht, schermen, projectie, podium, livestreaming, opname, regie, technische crew, presentatie techniek en ondersteuning bij het technische draaiboek.
Maar de grootste waarde zit vaak in het meedenken.
Welke opstelling past bij de zaal? Is één scherm genoeg? Welke microfoons zijn nodig voor sprekers, panel en Q&A? Hoe zorgen we dat online deelnemers alles goed horen? Waar komt de regie? Hoeveel opbouwtijd is nodig? Welke momenten moeten technisch extra strak worden voorbereid?
Bano kijkt naar het congres als geheel. Niet techniek om techniek, maar techniek die helpt om inhoud goed over te brengen.
Dat maakt het congres rustiger voor de organisatie en prettiger voor deelnemers.
Een congres is succesvol als het doel wordt gehaald en deelnemers de inhoud goed kunnen volgen, zich welkom voelen, waardevolle contacten leggen en positief terugkijken op de dag.
Begin met doel, doelgroep en congresbelofte. Daarna werk je thema, programma, sprekers, locatie, techniek, communicatie, draaiboek en evaluatie uit.
Voor een groter congres is zes tot twaalf maanden voorbereiding verstandig. Voor kleinere congressen kan het korter, maar sprekers, locatie, techniek en communicatie vragen altijd voldoende voorbereidingstijd.
Meestal heb je geluid, microfoons, schermen, projectie, licht, presentatie techniek en technische crew nodig. Bij hybride congressen komen camera’s, livestreaming, opname, regie en stabiel internet erbij.
Omdat deelnemers komen voor inhoud. Als sprekers niet goed verstaanbaar zijn, gaat de waarde van het congres direct omlaag. Goede microfoons, geluidsverdeling en een soundcheck zijn daarom essentieel.
Gebruik Q&A, polls, stellingen, panelgesprekken, deelsessies, vragen vooraf of live voting. Plan interactie bewust in het programma en geef deelnemers duidelijke momenten om mee te doen.
Bij een hybride congres moet je denken vanuit twee doelgroepen: de zaal en online deelnemers. Goede audio, camera’s, licht, regie, chat, Q&A en een online moderator zijn belangrijk.
Een technische partner helpt met geluid, licht, schermen, podium, livestreaming, opname, regie, technische planning, opbouw, bediening en afbouw. Ook denkt een goede technische partner mee over uitvoerbaarheid en risico’s.
Plan realistische spreektijden, voldoende wisseltijd, duidelijke regie, een sterke dagvoorzitter en een showdraaiboek. Geef de dagvoorzitter ruimte om tijd terug te pakken.
Bano helpt vooral bij de technische productie en praktische uitvoering van congressen. Denk aan AV, geluid, licht, schermen, livestreaming, opname, regie, technische crew en draaiboekondersteuning.
Een succesvol congres ontstaat niet door alleen een goede spreker te boeken of een mooie locatie te kiezen.
Het ontstaat wanneer alles klopt: doel, doelgroep, programma, sprekers, techniek, locatie, ontvangst, interactie, catering, draaiboek en evaluatie.
Deelnemers moeten makkelijk hun weg vinden, sprekers goed verstaan, presentaties duidelijk zien, ruimte krijgen voor vragen en met waardevolle inzichten naar huis gaan.
Achter de schermen vraagt dat om voorbereiding, regie en technische betrouwbaarheid.
Wil je een congres organiseren en zoek je hulp bij geluid, licht, schermen, podium, livestreaming, opname, regie of technische productie? Dan denkt Bano graag mee over een praktische aanpak die past bij je doel, locatie en publiek.
Erwin Balkema is CEO of Bano Event Technology. He helps organisations with event technology, audiovisual production, exhibition stands, livestreaming and hybrid events. Together with the Bano team, he supports business events, exhibitions, conferences and technical productions where reliability, preparation and a strong visitor experience matter.
Noorderpoort neemt deze maand haar intrek in een opvallend knaloranje pand op het Europapark in...
Wat zijn de belangrijkste trends in de eventbranche voor 2018? Hoe speel je slim in op deze...
De gemeenteraadsverkiezingen staan voor de deur. Zoals u weet worden er rond deze verkiezingen...